Vitale vakantieparken Overijssel

Controlerapport niet-recreatieve bewoning

Werkwijze

Toezichthouder controleert de wijze van gebruik van een recreatieverblijf en gebruikt daarbij dit controleformulier. Op basis het geheel van de gedane waarnemingen concludeert de toezichthouder of sprake is van strijdig gebruik van het recreatieobject. De toezichthouder betreedt hiervoor de noodzakelijke percelen en vraagt vooraf toestemming aan de bewoner om in het object een controle uit te voeren. Indien de bewoner geen toestemming verleent, mag de toezichthouder slechts de woning betreden met een machtiging tot binnentreden van de burgemeester, zoals bedoeld in de Algemene wet op het binnentreden. De toezichthouder doet van zijn feitelijke waarnemingen hieronder verslag en zal in de bijlage foto’s met datum toevoegen. Indien de toezichthouder heeft gesproken met, bij of in het object, aanwezige meerderjarige personen doet de toezichthouder daarvan zakelijk weergegeven verslag en vermeld hierbij de NAW gegevens van de persoon, de functie van de persoon en of deze persoon toestemming heeft gegeven voor de controle.

Ik, toezichthouder belast met het houden van toezicht op de naleving van de Omgevingswet verklaar dat ik op bovenstaande datum en onderstaande tijdstip de hierna genoemde waarnemingen heb gedaan en/of de hier genoemde persoon of personen heb gesproken. Ik heb mij voorgesteld, gelegitimeerd en uitgelegd waarvoor ik ben aangewezen en wat ik kwam doen en waarom. Ik verklaar dat onderstaande rapportage is naar waarheid en onder ambtseed is opgemaakt.

Definitie: Illegaal permanent bewonen van recreatiewoningen

Bij permanente bewoning van recreatiewoningen gaat het om de strijdigheid van het gebruik met het geldende omgevingsplan. Kenmerkend voor ‘wonen’ is het hebben van een feitelijk hoofdverblijf op de plaats.

Definitie: Hoofdverblijf

De plaats die fungeert als het centrum van de levensplaats. De centrale levensplaats wordt bepaald aan het antwoord op de vraag waar zich het middelpunt van de persoonlijke en economische belangen van de overtreder bevindt. Dit wordt bepaald aan de hand van de omstandigheden van het geval, waarbij onder meer gekeken kan worden naar de sociale en maatschappelijke activiteiten van betrokkene. Naast dat de centrale levensplaats fungeert als hoofdverblijf, kan ook de feitelijke woonsituatie doorslaggevend zijn voor de aanwijzing van het hoofdverblijf. Deze feitelijke woonsituatie kan aan de hand van de aanwezigheid van persoonlijke spullen van de overtreder aangewezen worden. Spullen die als persoonlijk aangemerkt kunnen worden zijn onder meer: (vieze) was, onderbroeken, sokken, verzorgingspullen, schoenen of jassen. Verder zijn ook studieboeken of een administratie doorslaggevend. Aanwijzingen dat het hoofdverblijf zich bevindt in de recreatiewoning zijn verder de werkelijke woonplek van de overtreder met zijn gezin, daar waar de overtreder diens zetel van fortuin heeft, daar waar de eigendommen en goederen beheert worden. Verder is van belang of de overtreder, nadat die met een bepaald doel en voor bepaalde tijd van deze plek vertrokken is, het plan heeft om als dat doel bereikt is, terug te keren naar de recreatiewoning.

Bij het gebruik van de recreatiewoning gaat het niet om de duur van het strijdige gebruik (permanent of tijdelijk), maar om de strijdigheid met de geldende omgevingsplanvoorschriften. Degenen die in een recreatiewoning verblijven, dienen daarom elders (buiten de recreatiewoning) over een hoofdverblijf te beschikken.

(ECLI:NL:GHAMS:2016:1972, ECLI:NL:RVS:2018:787, ECLI:NL:RBMNE:2022:3236)

Wettelijk kader:

Omgevingswet (Ow)

Op grond van artikel 5.1, eerste lid, sub a van de Omgevingswet is het verboden om zonder een omgevingsvergunning gronden en/ of bouwwerken te gebruiken in strijd met het omgevingsplan.

Omgevingsplan:

-Hier de voorschriften invullen van het vigerende omgevingsplan-

Rechtsmiddelen:

Tegen dit controlerapport staat geen bezwaar open op grond van 7:1 lid 1 jo. 8:3 lid 1 Awb.

Expertisecentrum Overrijssel | Rapportage controle permanente bewoning